maandag 23 augustus 2010
zondag 22 augustus 2010
Update vanuit Laos
Inmiddels ben ik twee dagen in Laos en ik heb weer een hoop in te halen.
Na Chengdu zijn Stijn, Casper en ik doorgereisd naar Dali, via Kunming. Dali ligt in de bergen van Yunnan aan een meer. Dali was ooit een backpackerparadijs maar inmiddels is het ook ontdekt door de Chinese toeristische industrie. Er zijn dus naast veel westerse toeristen ook duizenden Chinese toeristen. Toch is het er nog steeds heel mooi. Noodgedwongen, omdat we geen eerdere trein uit Kunming konden krijgen, moesten we 5 dagen in Dali blijven en we hebben er vooral rustig aan gedaan (vanwege de regen). Ook zijn we een dag in de bergen gaan lopen en we hebben 1 dag gefietst. Tijdens de fietstocht raakte stijn zijn ketting van zijn fiets en we moesten dus even stoppen. Toevallig was dat bij de oprit van een klein boerderijtje. Toen de boer ons zag vroeg hij of we binnen wilden komen voor een kopje thee. Bij de thee kregen we geen koekjes, zoals in Nederland, maar keiharde gedroogde zoete bonen en een soort komkommer. Het was leuk om een Chinese boerderij van binnen te zien en het moet aangenaam zijn om er te wonen. Ook kwam er later een jongen Chinese vrouw die een beetje engels sprak en die ons uitlegde dat zij en de boer mensen waren van het Bai-volk (een volk oorspronkelijk afkomstig uit Tibet). Toen we weggingen kregen we ieder zo'n komkommer-achtige vrucht mee.
Na Dali gingen we via kunming naar Yangshuo. In het gebied rondom Yangshuo en Kunming staan karstformaties (bergen/heuvels) die een hele aparte voor hebben. Het gebied is erg beroemd en het staat ongetwijfed in iedere reisgids. Werderom, zoals overal in China, was het ook hier supertoeristisch. Gelukkig sliepen wijzelf in een klein dorpje op 1 uur rijden van Yanghsuo. Ook daar was het vrij toeristisch maar na 6 uur vertrokken alle toerbussen met Chinezen weer dus 's avonds was het rustig. Bovendien zijn alle Chinese toeristen altijd in een of twee straten te vinden dus als je even links of rechts gaat dat ben je weer gewoon tussen de lokale mensen. In Xingping, het dorpje waar we sliepen hebben we onder andere een heuvel beklommen waar we een fantastisch uitzicht hadden op een tussen de karstbergen door meanderende rivier. (foto's komen nog, het uploaden lukt nu even niet). Ook hebben we een kanotocht gemaakt over een hele rustige rivier met alleen waterbuffels en een paar vissers. Een superrelaxte dag maar ik ben in mijn hele leven nog nooit zo erg verbrand geweest.
Vanuit Yangshuo wilden we naar Hong Kong maar vanwege de zomerdrukte konden we niet op tijd een treinkaartje kopen, dus we moesten een sleeper bus nemen, een bus met bedden. De chauffeur en de weg waren in principe prima maar de bedden waren veels te klein voor ons, bovendien lig je eigenlijk schuin met je voeten naar beneden. Echt veel geslapen hebben we dus niet, ook omdat we om 5 uur in shenzen, de grens met Hong Kong, aankwamen.
Hong Kong is een fascinerende stad. Het is er hypermodern en er staan op een klein stukje grond enorm veel wolkenkrabbers. Tegelijkertijd kan je restanten zien van de engelse aanwezigheid (toen ik er 15 jaar geleden was, was het nog Engels) en natuurlijk wonen er vooral veel Chinezen. Verder bestaat Hong Kong uit een aantal eilanden met in de niet bebouwde gebieden een tropisch regenwoud. Hoewel ik Hong Kong prachtig vind zou ik er denk ik toch niet willen wonen. Het is er namelijk ontzettend duur en de expat cultuur aldaar vind ik niet erg gezellig. Bovendien is Hong Kong vooral een stad voor de financiele sector en iedereen spreekt er bijna engels dus er is weinig behoefte aan engelse leraren.
Onze slaapplek in Hong Kong was Chunking Mansions. Een fenomeen op zich. Op de duurste straat van Kowloon (het vastelandgedeelte van Hong Kong) waar vooral hele dure winkels en hotels staan, verrijst ook het aftandse Chunking Mansions. Alleen hier is enigszins betaalbare accomodatie te vinden. In het gebouw werken nagenoeg alleen Indiers en Pakistanen die belwinkels, indiase restaurants of bollywoodmuziekwinkels in het pand hebben. Buiten het pand hangen 24 uur per dag hangen Nigerianen rond die zich met meer duistere zaakjes bezig houden. De eigenaar van ons hotel was een Indiase Sikh en op zich was onze kamer prima toen Casper en Stijn er nog waren. Toen ze echter weg waren sliep ik de laatste nacht in een kamer die zo smal was dat ik mijn benen niet eens kon strekken, en dat voor 17 euro per nacht.
In Hong Kong hebben we de stad verkend en zijn we met de star ferry gegaan (het icoon van Hong Kong) en ook zijn we heel hoog in twee bekende wolkenkrabbers geweest. Verder zijn we een dag naar Lamma gegaan, een eiland op 30 minuten van het centrum waar het heel groen is en waar geen auto's mogen komen. Stijn heeft er nog even gezwommen.
De avond nadat we op Lamma waren hadden Stijn en Casper een optreden geregeld in een jazzclub in het centrum van Hong Kong island. De lokatie was super en ze speelden lekker, ondanks dat ze geen drummer hadden. Ook kregen ze nog even bijval van de zanger Bobby Taylor, een oudere man uit Vancouver die claimde dat hij nummers had geschreven voor Michael Jackson. Toen we het later nacheckten op wikipedia leek zijn verhaal inderdaad te kloppen. Het was die avond gezellig ondanks dat er bijna niemand was en ze speelden ook lekker todat de eigenaar van de club dacht dat hij wel even mee kon drummen, hij bakte er niets van. Toen was eigenlijk het hek van de dam want daarna wilde een klant ook drummen en uiteindelijk stond een dronken brit een geimproviseerd nummer te zingen over hoeveel hij van zijn vrouw hield, echt niet om aan te horen. Toch hebben Stijn, Casper, ik en Alexa (onze vriendin in Hong Kong) veel plezier gehad die avond. Ter afluiting zijn we nog met een biertje op de kade van Kowloon gaan zitten om te kijken naar de nachtelijke Skyline van Hong Kong island.
Helaas vertrokken Stijn en Casper de volgende dag met de trein naar Beijing. Niet zo heel leuk als je 2 maanden met vrienden hebt gereisd, maar inmiddels weet ik weer hoe fijn het is om alleen te reizen. De dag daarop ben ik via Guangzhou terug naar Kunming gegaan.
Na een paar dagen in Kunming te zijn geweest moet ik zeggen dat het me wel bevalt. De lucht is er niet zo vervuild en het is er het hele jaar door rond de 20-25 graden. Bovendien is het met 3 miljoen mensen voor chinese begrippen een slaperig middelgroot stadje. Bovendien ligt Kunming in Yunnan, waarschijnlijk de mooiste en meest diverse provincie van China.Ik zit erover te denken om over 2 maanden werk te zoeken in Kunming maar ik weet niet of dat makkelijk is en of ik er veel zal verdienen, ik kijk wel.
Na Kunming ben ik met de bus naar Jinghong gegaan vlakbij de grens met Laos. Jinghong was interessant omdat het eigenlijk een mix is tussen China en zuidoost Azie. Ik heb er de botanische tuinen en een warmwaterbron bezocht.
Nu ben ik dus in Laos (Luang Nam Tha) en ik geniet hier enorm. De mensen zijn supervriendelijk en de natuur is prachtig. Gisteren heb ik een 125 cc scooter gehuurd waarmee ik samen met een italiaan een aantal dorpjes in de omgeving heb verkend. Onderweg hebben we misschien wel 25 verschillende vlinders gezien die allemaal anders waren! Op een gegeven moment reden we lags een huis in een dorpje waar een feestje an de gang was. We werden uitenodigd om erbij te komen zitten en werden volgegoten met bier en Lao Lao (zelfgestookte alcohol) waarna we gepusht werden om mee te dansen (in rondjes op een langzame beat). Ook hebben we nog even gezongen want er was en microfoon en een keyboard. Heel erg leuk. Het was ook opmerkelijk dat de mensen konstant aan het lachen waren en echt heel vriendelijk.
Ik zit er nu over te denken om een Honda scooter te kopen en hier een maand door het land te reizen. Het lijkt mij de beste manier om het land te zien. Later kan ik dan in het zuiden van het land de scooter weer voor een beetje minder verkopen. Daarna wil ik nog even naar Cambodja en dan naar Thailand, waarna ik van plan ben om naar China terug te keren.
Na Chengdu zijn Stijn, Casper en ik doorgereisd naar Dali, via Kunming. Dali ligt in de bergen van Yunnan aan een meer. Dali was ooit een backpackerparadijs maar inmiddels is het ook ontdekt door de Chinese toeristische industrie. Er zijn dus naast veel westerse toeristen ook duizenden Chinese toeristen. Toch is het er nog steeds heel mooi. Noodgedwongen, omdat we geen eerdere trein uit Kunming konden krijgen, moesten we 5 dagen in Dali blijven en we hebben er vooral rustig aan gedaan (vanwege de regen). Ook zijn we een dag in de bergen gaan lopen en we hebben 1 dag gefietst. Tijdens de fietstocht raakte stijn zijn ketting van zijn fiets en we moesten dus even stoppen. Toevallig was dat bij de oprit van een klein boerderijtje. Toen de boer ons zag vroeg hij of we binnen wilden komen voor een kopje thee. Bij de thee kregen we geen koekjes, zoals in Nederland, maar keiharde gedroogde zoete bonen en een soort komkommer. Het was leuk om een Chinese boerderij van binnen te zien en het moet aangenaam zijn om er te wonen. Ook kwam er later een jongen Chinese vrouw die een beetje engels sprak en die ons uitlegde dat zij en de boer mensen waren van het Bai-volk (een volk oorspronkelijk afkomstig uit Tibet). Toen we weggingen kregen we ieder zo'n komkommer-achtige vrucht mee.
Na Dali gingen we via kunming naar Yangshuo. In het gebied rondom Yangshuo en Kunming staan karstformaties (bergen/heuvels) die een hele aparte voor hebben. Het gebied is erg beroemd en het staat ongetwijfed in iedere reisgids. Werderom, zoals overal in China, was het ook hier supertoeristisch. Gelukkig sliepen wijzelf in een klein dorpje op 1 uur rijden van Yanghsuo. Ook daar was het vrij toeristisch maar na 6 uur vertrokken alle toerbussen met Chinezen weer dus 's avonds was het rustig. Bovendien zijn alle Chinese toeristen altijd in een of twee straten te vinden dus als je even links of rechts gaat dat ben je weer gewoon tussen de lokale mensen. In Xingping, het dorpje waar we sliepen hebben we onder andere een heuvel beklommen waar we een fantastisch uitzicht hadden op een tussen de karstbergen door meanderende rivier. (foto's komen nog, het uploaden lukt nu even niet). Ook hebben we een kanotocht gemaakt over een hele rustige rivier met alleen waterbuffels en een paar vissers. Een superrelaxte dag maar ik ben in mijn hele leven nog nooit zo erg verbrand geweest.
Vanuit Yangshuo wilden we naar Hong Kong maar vanwege de zomerdrukte konden we niet op tijd een treinkaartje kopen, dus we moesten een sleeper bus nemen, een bus met bedden. De chauffeur en de weg waren in principe prima maar de bedden waren veels te klein voor ons, bovendien lig je eigenlijk schuin met je voeten naar beneden. Echt veel geslapen hebben we dus niet, ook omdat we om 5 uur in shenzen, de grens met Hong Kong, aankwamen.
Hong Kong is een fascinerende stad. Het is er hypermodern en er staan op een klein stukje grond enorm veel wolkenkrabbers. Tegelijkertijd kan je restanten zien van de engelse aanwezigheid (toen ik er 15 jaar geleden was, was het nog Engels) en natuurlijk wonen er vooral veel Chinezen. Verder bestaat Hong Kong uit een aantal eilanden met in de niet bebouwde gebieden een tropisch regenwoud. Hoewel ik Hong Kong prachtig vind zou ik er denk ik toch niet willen wonen. Het is er namelijk ontzettend duur en de expat cultuur aldaar vind ik niet erg gezellig. Bovendien is Hong Kong vooral een stad voor de financiele sector en iedereen spreekt er bijna engels dus er is weinig behoefte aan engelse leraren.
Onze slaapplek in Hong Kong was Chunking Mansions. Een fenomeen op zich. Op de duurste straat van Kowloon (het vastelandgedeelte van Hong Kong) waar vooral hele dure winkels en hotels staan, verrijst ook het aftandse Chunking Mansions. Alleen hier is enigszins betaalbare accomodatie te vinden. In het gebouw werken nagenoeg alleen Indiers en Pakistanen die belwinkels, indiase restaurants of bollywoodmuziekwinkels in het pand hebben. Buiten het pand hangen 24 uur per dag hangen Nigerianen rond die zich met meer duistere zaakjes bezig houden. De eigenaar van ons hotel was een Indiase Sikh en op zich was onze kamer prima toen Casper en Stijn er nog waren. Toen ze echter weg waren sliep ik de laatste nacht in een kamer die zo smal was dat ik mijn benen niet eens kon strekken, en dat voor 17 euro per nacht.
In Hong Kong hebben we de stad verkend en zijn we met de star ferry gegaan (het icoon van Hong Kong) en ook zijn we heel hoog in twee bekende wolkenkrabbers geweest. Verder zijn we een dag naar Lamma gegaan, een eiland op 30 minuten van het centrum waar het heel groen is en waar geen auto's mogen komen. Stijn heeft er nog even gezwommen.
De avond nadat we op Lamma waren hadden Stijn en Casper een optreden geregeld in een jazzclub in het centrum van Hong Kong island. De lokatie was super en ze speelden lekker, ondanks dat ze geen drummer hadden. Ook kregen ze nog even bijval van de zanger Bobby Taylor, een oudere man uit Vancouver die claimde dat hij nummers had geschreven voor Michael Jackson. Toen we het later nacheckten op wikipedia leek zijn verhaal inderdaad te kloppen. Het was die avond gezellig ondanks dat er bijna niemand was en ze speelden ook lekker todat de eigenaar van de club dacht dat hij wel even mee kon drummen, hij bakte er niets van. Toen was eigenlijk het hek van de dam want daarna wilde een klant ook drummen en uiteindelijk stond een dronken brit een geimproviseerd nummer te zingen over hoeveel hij van zijn vrouw hield, echt niet om aan te horen. Toch hebben Stijn, Casper, ik en Alexa (onze vriendin in Hong Kong) veel plezier gehad die avond. Ter afluiting zijn we nog met een biertje op de kade van Kowloon gaan zitten om te kijken naar de nachtelijke Skyline van Hong Kong island.
Helaas vertrokken Stijn en Casper de volgende dag met de trein naar Beijing. Niet zo heel leuk als je 2 maanden met vrienden hebt gereisd, maar inmiddels weet ik weer hoe fijn het is om alleen te reizen. De dag daarop ben ik via Guangzhou terug naar Kunming gegaan.
Na een paar dagen in Kunming te zijn geweest moet ik zeggen dat het me wel bevalt. De lucht is er niet zo vervuild en het is er het hele jaar door rond de 20-25 graden. Bovendien is het met 3 miljoen mensen voor chinese begrippen een slaperig middelgroot stadje. Bovendien ligt Kunming in Yunnan, waarschijnlijk de mooiste en meest diverse provincie van China.Ik zit erover te denken om over 2 maanden werk te zoeken in Kunming maar ik weet niet of dat makkelijk is en of ik er veel zal verdienen, ik kijk wel.
Na Kunming ben ik met de bus naar Jinghong gegaan vlakbij de grens met Laos. Jinghong was interessant omdat het eigenlijk een mix is tussen China en zuidoost Azie. Ik heb er de botanische tuinen en een warmwaterbron bezocht.
Nu ben ik dus in Laos (Luang Nam Tha) en ik geniet hier enorm. De mensen zijn supervriendelijk en de natuur is prachtig. Gisteren heb ik een 125 cc scooter gehuurd waarmee ik samen met een italiaan een aantal dorpjes in de omgeving heb verkend. Onderweg hebben we misschien wel 25 verschillende vlinders gezien die allemaal anders waren! Op een gegeven moment reden we lags een huis in een dorpje waar een feestje an de gang was. We werden uitenodigd om erbij te komen zitten en werden volgegoten met bier en Lao Lao (zelfgestookte alcohol) waarna we gepusht werden om mee te dansen (in rondjes op een langzame beat). Ook hebben we nog even gezongen want er was en microfoon en een keyboard. Heel erg leuk. Het was ook opmerkelijk dat de mensen konstant aan het lachen waren en echt heel vriendelijk.
Ik zit er nu over te denken om een Honda scooter te kopen en hier een maand door het land te reizen. Het lijkt mij de beste manier om het land te zien. Later kan ik dan in het zuiden van het land de scooter weer voor een beetje minder verkopen. Daarna wil ik nog even naar Cambodja en dan naar Thailand, waarna ik van plan ben om naar China terug te keren.
dinsdag 3 augustus 2010
zondag 1 augustus 2010
donderdag 29 juli 2010
Chengdu
Na wederom een lange tijd van radiostilte kan ik toch weer even tijd vrijmaken om jullie op de hoogte te stellen van mijn belevenissen. Het grote verschil tussen met vrienden en alleen reizen is dat als je alleen bent je veel meer tijd hebt om dingen voor jezelf te doen (zoals je blog bijwerken). Maar vooral met vrienden die enigszins een tijdsdruk hebben is het programma toch vrij vol.
Na aankomst van Stijn en Casper in Beijing hebben we met zijn vieren 's avonds nog wat gedronken in een echt frans cafe om de hoek van het hostel. In dat cafe werkte die avond toevallig Willy uit Volendam, die op haar 17e naar Beijing vertrokken is en er inmiddels al 5 jaar woont. Best indrukwekkend. Met haar zijn we later nog twee avonden op stap geweest. De volgende ochtend is Paul weer naar Nederland vertrokken.
In Beijing hebben we natuurlijk de verboden stad bezocht. Heel heel heel druk ondanks de regen maar toch indrukwekkend. Het meest spectaculaire hierbij was toch de heuvel achter de verboden stad waar we een uitzicht over het hele paleizencomplex hadden. Ook was de entreeprijs maar een fractie van de verboden stad. Verder hebben we in Beijing de Temple of Heaven bezocht en de parken van het het oude zomerpaleis. Ook zijn we bij het CCTV gebouw geweest, eigenlijk twee torens de hoog in de lucht met elkaar verbonden zijn, met een knik, van de nederlandse architect Rem Koolhaas. Zoek maar op op internet.
Wat helemaal fantastisch was aan onze tijd in Beijing was dat Stijn en Casper twee keer hebben kunnen spelen (Stijn speelt contrabas en Casper speelt piano), Stijn heeft een poosje geleden in Nederland namelijk een Chinees uit Beijing ontmoet die via via een jazzcafe-eigenaar kende. Door de vrienden van deze Chinees zijn we zeer openhartig ontvangen en we hebben twee keer heerlijk gegeten. Voor ons is het soms namelijk lastig om eten te bestellen in een Chinees restaurant, menukaarten zijn vaak alleen in het chinees. Naast het eten kregen we ook gratis drinken in het jazzcafe en aangezien ik niet mee kon spelen heb ik toch flink genoten. Het was erg leuk om Casper en Stijn te zien spelen, ze spelen op hoog niveau, maar iedereen was ook superenthousiast over ze. De Jazz-scene in Beijing is namelijk erg klein en nog een beetje in de kinderschoenen. Desalniettemin heeft de cafe-eigenaar toch twee goede saxofoonspelers kunnen regelen, waarvan eentje onlangs nog gespeeld heeft voor Obama en Hu Jintao (president van China). Ook hebben Stijn en Casper een jazzliedje gespeeld met een meisje die dat nummer zelf gecomponeerd had, heel gaaf want ze had nog nooit eerder opgetreden.
Na beijing zijn we doorgereisd naar Luoyang. Luoyang ligt niet ver van Xi'an en het is ook meerdere malen de hoofdstad van China geweest. Vandaag de dag is het een typisch Chinese stad met veel lelijke moderne gebouwen en veel luchtvervuiling. Toch was het voor Stijn en Casper interessant om het echte dagelijkse leven van Chinezen te zien, zonder veel andere toeristen. Ook waren er in de omgeving van Luoyang een aantal interessante bezienswaardigheden, zoals de Longmen Caves en de White Horse Temple (de oudste Boeddhistische tempel in China). We zijn niet naar het nabijgelegen Shaolin Klooster geweest, de geboorteplaats van kung fu, omdat het originele complex vernietigd is tijdens de Culturele Revolutie, maar ook omdat het te duur en te druk schijnt te zijn.
Na Luoyang waren we van plan om een trein van 20 uur naar Chengdu te nemen maar toen we op het station aankwamen bleek dat de trein vertraagd was. Dit werd veroorzaakt door zware regenval en aardverschuivingen op zeven plekken langs de route. Het probleem zou opgelost worden maar we wisten niet wanneer de trein weer zou vertrekken dus ons resteerde niets anders dan te wachten op het station. Uiteindelijk werden het 17 uur! Er waren geen zitplekken meer (mede omdat de wachtkamer op de begane grond helemaal blank stond) dus we besloten een plekje te zoeken op de eerste verdieping. Omdat we toch een beetje wilden rusten/slapen heeft stijn een paar krantjes gekocht om op te liggen, met onze tassen als kussen. Uiteindelijk hebben we toch nog eventjes kunnen slapen totdat we werden wakkergemaakt met de mededeling dat de trein over 5 minuten zou vertrekken. Overigens dankzij een vriendelijke engelssprekende student want er was niets op de borden te lezen en er werd ook niets in het Engels omgeroepen. We haalden de trein maar ternauwernood, ondanks dat ik een beetje langzaam was. De treinrit die 20 uur zou duren, duurde uiteindelijk meer dan 30 uur. Het landschap onderweg was echter spectaculair dwars door groene bergen en langs rivieren, watervallen en beekjes.
Nu zijn we dus in Chengdu. Chengdu is een relaxte stad met veel groen en het ziet er hier relatief welvarend uit. Ons hostel is een erg hip designer-hostel en er zijn een aantal smaakvol ingerichte cafeetjes in de straat. Eergisteren zijn we, omdat we behoefte hadden aan wat natuur, naar mt. Emei gagaan. Mt. Emei is een heilige Boeddhistische berg op ruim 3 uur rijden van Chengdu. Omdat de reis ernaartoe vrij lang duurde kwamen we pas laat aan en konden we niet heel ver lopen voordat we een overnachtingsplek moesten zoeken. Toch was het een gouden greep om op dat tijdstip te gaan omdat de meeste toeristen (duizenden!) al naar huis gingen en het dus al heel snel supperrustig was en omdat we een hele sfeervolle tempel vonden om te overnachten. Vlakbij was ook een gezellig eetstalletje (Hard Wok Cafe) waar we lekker avondeten en ontbijt hebben gehad. Wat wel vervelend was, was dat er stukken glas in mijn bed lagen, die uit gebroken raampjes waren gevallen en waaraan ik bij het slapen gaan in het donker mijn hand openhaalde (het valt mee). De mensen van de tempel wisten hier, waarschijnlijk geen goed raad mee en ze lachten alleen een beetje, waarschijnlijk uit schaamte. Nadat er nog een stuk glas naar beneden viel bij het verschuiven van mijn bed drongen we toch echt aan op een andere kamer.
De volgende dag (gisteren) zijn we vrij vroeg vertrokken voor een hele zware klim van ongeveer 6 uur, maar de uitzichten waren echt heel indrukwekkend. De bergen was heel groen en jungle achtig en er waren veel beken en watervallen. Door de vorm van de rotsen deed het ook allemaal erg chinees aan. Helaas hebben de de top niet helemaal kunnen bereiken omdat we weer op tijd in Chengdu moesten zijn. We worden er toch steeds weer mee geconfronteerd dat je China niet even kunt zien in een maandje, of in twee maanden of in zes maanden.
Vandaag hebben we de was gedaan (ook heel belangrijk) en later zijn we met de manager van het hostel naar het zwembad geweest. Ze vertelde namelijk dat ze in februari naar Phuket in Thailand ging maar dat ze niet kon zwemmen. Na 2,5 uur zwemmen kan ze al min of meer zelfstandig de schoolslag. Erg leuk en ook wel fijn voor mij om na lange tijd weer even te kunnen zwemmen (met 3000 andere Chinezen, dat wel).
Morgen pakken we de trein naar Kunming in Yunnan en nemen dan de bus naar Dali.
Nu moet ik gaan want mijn vrienden zijn al bij een optreden van een Maleisische Noise-rockband, het schijnt bizar te zijn!
woensdag 14 juli 2010
Beijing
Na een lange tijd zonder berichten, kan ik weer even tijd maken voor een beschrijving van de afgelopen tijd.
In turpan zijn we, zoals gepland, met een tour meegegaan. Eigenlijk ben ik hier niet zo een voorstander van maar we konden goedkoop mee omdat er al een aantal anderen meegingen en het minibusje vol moest. De excursie voerde ons eerst naar de flaming mountains. Op zich waren dit interessante bergformaties maar traditionele dorpje ernaast was interresanter. Hierna zijn we naar de Bezeklik thousand buddha caves gegaan maar dit was een teleurstelling omdat alle schilderingen of door de lokale moslims waren vernietigd of later uitgehakt waren door een Duitse archeoloog (en vervolgens verwoest in de tweede wereldoorlog) en het overgebleven deel is zwaar beschadigd tijdens de culturele revolutie. Vervolgens zijn we naar een lokaal waterkanalen-museum geweest (tourist-trap)en naar de ruines van Jiaohe, een enorme en goed bewaarde ruine op een eiland tussen twee rivieren. De ruines waren indrukwekkend maar het was ontzettend heet. Tijdens de excursie ontmoetten we ook een Belg die mijn reis in tegenovergestelde richting maakt. Met deze Belg (Sam) zijn we die avond ook naar een Oeigoerse dicotheek gegaan en het werd uiteindelijk een bizarre avond. Lokale Oeigoerse hits waarbij traditioneel in rondjes werd gedanst werden hier afgewisseld met pompende housemuziek. Ook kwamen we bij binnenkomst een Oeigoerse Michael Jackson-impersonator tegen die zijn show er net had opzitten maar uiteindelijk heeft hij speciaal ter ere van ons nog een show opgevoerd. Hij nam zijn taak serieus, hij sprong in het begin van zijn voorstelling zelfs van een speaker.
Na Turpan zijn we met de trein naar Dunhuang gegaan. Dunhuang is een oase op de rand van de woestijn en ooit was het de grens van het oude China. Vanaf hier is de cultuur ook echt Chinees. In Dunhuang zijn een aantal bezienswaardigheden maar we hebben helaas niet heel veel kunnen zien. De Mogao caves (een world heritage site) hadden een, voor chinese begrippen, enorm hoge toegangsprijs van 20 euro, exclusief een dure taxirit. Dus we besloten maar om niet te gaan. Wel zijn we naar de Zandduinen geweest en naar het crescent moon lake (halvemaanvormig meer midden in de zandduinen). Op zich mooi maar wederom duur en heel toersitisch. De duinen waren spectaculair want ze waren tientallen meters hoog en daarom ook heel zwaar om te beklimmen.
Na Dunhuang hebben we weer lange een nachttreinrit genomen van 24 uur , om uiteindelijk in Xi'an aan te komen. Xi'an is een van de oude hoofdsteden van China en het eindpunt van de oude zijderoute. In Xi'an hadden we voor het eerst het gevoel echt in China te zijn. Om de oude binnenstad van Xi'an loopt een enorme stadsmuur van 13,7 kilometer en meer dan 30 meter hoogte. Naast een stuk van deze muur te bewandelen zijn we ook naar de grote moskee in de moslimwijk geweest. Na alle moskeen die ik op deze reis gezien heb was deze toch echt heel bijzonder omdat deze moskee in een volledig chinese stijl was gebouwd (waardoor het meer van een boeddhistische of taoistische tempel weghad.)Ook hebben we in Xi'an de great goose pagoda en het obligatoire ;) terracottaleger bezocht. Vooral de schaal (grootte) van het terracottaleger vond ik imposant.
Natuurlijk zijn we ook uitgeweest in Xi'an en het bizarre van de discortheken hier was dat er politieagenten met witte helmen rondliepen die je op onvriendelijke doch dringende wijze duidelijk makketen dat je niet met een drankje of sigaret op de dansvloer mocht staan. Ook de dames die je tijdens het dansen kwamen storen om de vloer te boenen draagden niet echt bij aan de sfeer. Verder is het opvallend aan Chinese discotheken dat er enorm met geld gesmeten wordt. Er staan allemaal dure champagne, cognac en whiskymerken op de menukaart en het is kennelijk niet genoeg om gewoon een drankje te bestellen. Zo waren er gisteren in een discotheek meerdere tafels die vol stonden met volle drankflessen. Op een tafel waar drie jongens aan zaten stonden gisteren zeker 4 vijf liter flessen whisky en de rest van de tafel stond helemaal vol met literflessen (Ze waren pas halverwege de eerste fles en ze keken verveeld voor zich uit). De plotselinge enorme welvaart heeft in China kennelijk geleid tot een soort van leeg materialisme, iets wat ook te zien is aan de vele winkels van prada, gucci, louis vuitton en dergelijke.
Nu zijn we in Beijing (Peking), toch een grote mijlpaal omdat ik (en Paul trouwens ook, hij heeft misschien wel 1/3 deel van de totale reis meegereisd) zo een enorme afstand heb afgelegd. De reis hiernaartoe (12 uur) uit Xi'an was echt verschrikkelijk. Vanwege het vakantieseizoen in China zitten alle treinen namelijk vol en het was voor ons onmogelijk om een slaapplek te boeken. Er waren dus alleen nog hard seats en dit is op zich al heel vervelend omdat je rechtop moet zitten en er geen enkele pijnloze manier is om even te proberen te slapen, het wordt echter verergerd door de honderden mensen zonder zitplaats die in het gangpad zaten/lagen/stonden. Zelfs naar het toilet gaan was een hachelijke onderneming.
We hebben nog niet heel veel van Peking gezien maar het is een interessante stad. Naast de beroemde monumenten als de Verboden Stad, het Plein van de Hemelse Vrede en de nabijgelegen Chinese Muur zijn er oude wijken (Hutongs) waar je echt goed de chinese sfeer kunt proeven, we slapen overigens in zo'n wijk. Anderzijds zijn er ook hypermoderne gebouwen en dure shoppingmalls te vinden en het contrast kan dus bijna niet groter zijn. Het lijkt me interessant om naast de oude bezienswwardigheden toch ook nog wat moderne architectuur te gaan bekijken omdat er hier toch meer mogelijk lijkt te zijn dan in het door regeltjes beperkte Europa, Nederland in het bijzonder.
Morgen komen Stijn en Casper aan uit Nederland en helaas gaat Paul overmorgen alweer naar huis. Best jammer, want we hebben een leuke tijd gehad en we hebben beiden toch niet het gevoel dat we al een maand in China zijn (aan de andere kant lijkt de tijd in de bergen bij Pakistan superlang geleden). Ook is China zo groot dat je na een maand nog steeds het gevoel hebt dat je maar een fractie van het land gezien hebt.
Bedankt voor jullie aanhoudende interesse in mijn verhalen en tot het volgende bericht...
In turpan zijn we, zoals gepland, met een tour meegegaan. Eigenlijk ben ik hier niet zo een voorstander van maar we konden goedkoop mee omdat er al een aantal anderen meegingen en het minibusje vol moest. De excursie voerde ons eerst naar de flaming mountains. Op zich waren dit interessante bergformaties maar traditionele dorpje ernaast was interresanter. Hierna zijn we naar de Bezeklik thousand buddha caves gegaan maar dit was een teleurstelling omdat alle schilderingen of door de lokale moslims waren vernietigd of later uitgehakt waren door een Duitse archeoloog (en vervolgens verwoest in de tweede wereldoorlog) en het overgebleven deel is zwaar beschadigd tijdens de culturele revolutie. Vervolgens zijn we naar een lokaal waterkanalen-museum geweest (tourist-trap)en naar de ruines van Jiaohe, een enorme en goed bewaarde ruine op een eiland tussen twee rivieren. De ruines waren indrukwekkend maar het was ontzettend heet. Tijdens de excursie ontmoetten we ook een Belg die mijn reis in tegenovergestelde richting maakt. Met deze Belg (Sam) zijn we die avond ook naar een Oeigoerse dicotheek gegaan en het werd uiteindelijk een bizarre avond. Lokale Oeigoerse hits waarbij traditioneel in rondjes werd gedanst werden hier afgewisseld met pompende housemuziek. Ook kwamen we bij binnenkomst een Oeigoerse Michael Jackson-impersonator tegen die zijn show er net had opzitten maar uiteindelijk heeft hij speciaal ter ere van ons nog een show opgevoerd. Hij nam zijn taak serieus, hij sprong in het begin van zijn voorstelling zelfs van een speaker.
Na Turpan zijn we met de trein naar Dunhuang gegaan. Dunhuang is een oase op de rand van de woestijn en ooit was het de grens van het oude China. Vanaf hier is de cultuur ook echt Chinees. In Dunhuang zijn een aantal bezienswaardigheden maar we hebben helaas niet heel veel kunnen zien. De Mogao caves (een world heritage site) hadden een, voor chinese begrippen, enorm hoge toegangsprijs van 20 euro, exclusief een dure taxirit. Dus we besloten maar om niet te gaan. Wel zijn we naar de Zandduinen geweest en naar het crescent moon lake (halvemaanvormig meer midden in de zandduinen). Op zich mooi maar wederom duur en heel toersitisch. De duinen waren spectaculair want ze waren tientallen meters hoog en daarom ook heel zwaar om te beklimmen.
Na Dunhuang hebben we weer lange een nachttreinrit genomen van 24 uur , om uiteindelijk in Xi'an aan te komen. Xi'an is een van de oude hoofdsteden van China en het eindpunt van de oude zijderoute. In Xi'an hadden we voor het eerst het gevoel echt in China te zijn. Om de oude binnenstad van Xi'an loopt een enorme stadsmuur van 13,7 kilometer en meer dan 30 meter hoogte. Naast een stuk van deze muur te bewandelen zijn we ook naar de grote moskee in de moslimwijk geweest. Na alle moskeen die ik op deze reis gezien heb was deze toch echt heel bijzonder omdat deze moskee in een volledig chinese stijl was gebouwd (waardoor het meer van een boeddhistische of taoistische tempel weghad.)Ook hebben we in Xi'an de great goose pagoda en het obligatoire ;) terracottaleger bezocht. Vooral de schaal (grootte) van het terracottaleger vond ik imposant.
Natuurlijk zijn we ook uitgeweest in Xi'an en het bizarre van de discortheken hier was dat er politieagenten met witte helmen rondliepen die je op onvriendelijke doch dringende wijze duidelijk makketen dat je niet met een drankje of sigaret op de dansvloer mocht staan. Ook de dames die je tijdens het dansen kwamen storen om de vloer te boenen draagden niet echt bij aan de sfeer. Verder is het opvallend aan Chinese discotheken dat er enorm met geld gesmeten wordt. Er staan allemaal dure champagne, cognac en whiskymerken op de menukaart en het is kennelijk niet genoeg om gewoon een drankje te bestellen. Zo waren er gisteren in een discotheek meerdere tafels die vol stonden met volle drankflessen. Op een tafel waar drie jongens aan zaten stonden gisteren zeker 4 vijf liter flessen whisky en de rest van de tafel stond helemaal vol met literflessen (Ze waren pas halverwege de eerste fles en ze keken verveeld voor zich uit). De plotselinge enorme welvaart heeft in China kennelijk geleid tot een soort van leeg materialisme, iets wat ook te zien is aan de vele winkels van prada, gucci, louis vuitton en dergelijke.
Nu zijn we in Beijing (Peking), toch een grote mijlpaal omdat ik (en Paul trouwens ook, hij heeft misschien wel 1/3 deel van de totale reis meegereisd) zo een enorme afstand heb afgelegd. De reis hiernaartoe (12 uur) uit Xi'an was echt verschrikkelijk. Vanwege het vakantieseizoen in China zitten alle treinen namelijk vol en het was voor ons onmogelijk om een slaapplek te boeken. Er waren dus alleen nog hard seats en dit is op zich al heel vervelend omdat je rechtop moet zitten en er geen enkele pijnloze manier is om even te proberen te slapen, het wordt echter verergerd door de honderden mensen zonder zitplaats die in het gangpad zaten/lagen/stonden. Zelfs naar het toilet gaan was een hachelijke onderneming.
We hebben nog niet heel veel van Peking gezien maar het is een interessante stad. Naast de beroemde monumenten als de Verboden Stad, het Plein van de Hemelse Vrede en de nabijgelegen Chinese Muur zijn er oude wijken (Hutongs) waar je echt goed de chinese sfeer kunt proeven, we slapen overigens in zo'n wijk. Anderzijds zijn er ook hypermoderne gebouwen en dure shoppingmalls te vinden en het contrast kan dus bijna niet groter zijn. Het lijkt me interessant om naast de oude bezienswwardigheden toch ook nog wat moderne architectuur te gaan bekijken omdat er hier toch meer mogelijk lijkt te zijn dan in het door regeltjes beperkte Europa, Nederland in het bijzonder.
Morgen komen Stijn en Casper aan uit Nederland en helaas gaat Paul overmorgen alweer naar huis. Best jammer, want we hebben een leuke tijd gehad en we hebben beiden toch niet het gevoel dat we al een maand in China zijn (aan de andere kant lijkt de tijd in de bergen bij Pakistan superlang geleden). Ook is China zo groot dat je na een maand nog steeds het gevoel hebt dat je maar een fractie van het land gezien hebt.
Bedankt voor jullie aanhoudende interesse in mijn verhalen en tot het volgende bericht...
zaterdag 3 juli 2010
Weer een nieuw nummer
Aangezien ik in de provincie Xinjiang een sim kaart had gekocht, werkt hij in de rest van China niet. Waarschijnlijk heeft dit met de gevoelige politieke situatie te maken. Dit betekent dat ik vandaag een nieuwe sim kaart moest kopen en dat ik dus weer een ander nummer heb, namelijk: +86 18893625779
Verder kan ik via de mail dus wel posten op mijn blog maar ik kan het niet lezen, dus ook geen commentaren lezen.
Alles ik hier okee, we zijn nu nog in Dunhuang maar morgenochtend gaan we met de trein naar Xi'an (23uur!)
Natuurlijk hebben Paul en ik gisteren de wedstrijd gevolgd maar er was nergens een werkende TV in de buurt dus we hebben de wedstrijd enigszins kunnen volgen via internetradio. Toch hoopte ik eventjes dat ik terug was in Nederland. Ben benieuwd hoe de finale gaat lopen. Wordt het dan echt Nederland-Duitsland?
Verder kan ik via de mail dus wel posten op mijn blog maar ik kan het niet lezen, dus ook geen commentaren lezen.
Alles ik hier okee, we zijn nu nog in Dunhuang maar morgenochtend gaan we met de trein naar Xi'an (23uur!)
Natuurlijk hebben Paul en ik gisteren de wedstrijd gevolgd maar er was nergens een werkende TV in de buurt dus we hebben de wedstrijd enigszins kunnen volgen via internetradio. Toch hoopte ik eventjes dat ik terug was in Nederland. Ben benieuwd hoe de finale gaat lopen. Wordt het dan echt Nederland-Duitsland?
Abonneren op:
Posts (Atom)

